Veel patiënten moeten tegenwoordig maanden wachten op de juiste behandeling, vooral als het gaat om persoonlijkheidsstoornissen.

Van de Nederlandse bevolking kampt 1,1 tot 1,7 procent met een borderline-persoonlijkheidsstoornis, wat zich in het dagelijks leven uit in sociale en emotionele beperkingen, een verhoogd risico op stemmings- en angststoornissen, minder vaak een betaalde baan hebben en frequenter beroep doen op de lichamelijke en geestelijke gezondheidszorg.

Elf van de ggz-instellingen rapporteren een wachtlijst van meer dan zes maanden voordat kan worden begonnen met therapie. Hiervan adviseren slechts drie instellingen naar elders te verwijzen voor behandeling vanwege een onverantwoord lange of onoverzienbare wachtlijst.

Zorgverzekeraars hebben met de ggz-instellingen afgesproken dat iemand niet langer dan veertien weken op de wachtlijst mag staan voordat hij wordt behandeld, de zogenaamde treeknorm. In het onderzoek van Marijke Booij en Renée Boesten (psychiaters in opleiding) en Esther van Fenema (psychiater verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum) voldeden slechts vier van de ggz-instellingen aan deze norm.

Opvallend is dat de informatie aangeboden op de website van ggz-instellingen vaak incorrect is. Tevens publiceren ggz-instellingen regelmatig alleen de wachttijd tot intake. Een cynische en misleidende façade natuurlijk als de échte kwaliteitsmaat, namelijk het beginnen van een behandeling, zo lang op zich laat wachten.

Lees volledige bericht in de Volkskrant

Over de auteur

Sander Brouwer

Geef jouw reactie!