De Wet forensische zorg is aangenomen door de Tweede Kamer, maar wordt momenteel nog behandeld door de Eerste Kamer.

In het jaarverslag 2013/2014 schrijft de Eerste Kamer over de stand van zaken rond het wetsvoorstel.

Forensische zorg:
Een wetsvoorstel waarvan de parlementaire behandeling in 2013-2014 niet kon worden afgerond, is het wetsvoorstel forensische zorg. Dit voorstel schept de kaders voor een nieuw
stelsel van zorg aan gedetineerden met een psychiatrische aandoening of beperking, een verslaving of een verstandelijke handicap. Onderdeel van het wetsvoorstel sinds de tweede nota van wijziging is een procedure tot verkrijging zonder hun toestemming van medische gegevens van verdachten die niet onderzocht willen worden door forensisch opgeleide psychiaters en psychologen. Hiermee wordt het medisch beroepsgeheim doorbroken. De achtergrond daarvan is dat er geen tbs-maatregel kan worden opgelegd als er geen stoornis is geconstateerd bij de betrokkene ten tijde van het delict. De medische gegevens zijn vooral van belang als andere gedragskundige rapporten ontbreken of onvoldoende informatie bevatten.

Tijdens de mondelinge behandeling op 1 april 2014 toonden de meeste woordvoerders zich kritisch over de doorbreking van het medisch beroepsgeheim. De motivering is volgens hen
onvoldoende doordacht: het zou immers kunnen leiden tot beschadiging van het vertrouwen van verdachten in hun arts en daarmee tot zorgmijding. Ook zouden er minder vergaande alternatieven voorhanden zijn zoals verlenging van de observatietermijn. Na de eerste termijn van de Kamer is de beraadslaging op verzoek van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie geschorst. Hij gaf aan dat de Senatoren een aantal materiële punten hadden aangevoerd, waarover hij zich wilde beraden met de Staatssecretaris van   Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Naar aanleiding van dit verzoek besloot de Kamer een brief hierover af te wachten. Bij het publiceren van dit Jaarbericht is nog geen nadere reactie ontvangen van het kabinet.

Wat ook nog meespeelt is een zogenoemde ‘veegwet’ die enkele door Kamerleden gesignaleerde onjuistheden in het wetsvoorstel corrigeert. Het gaat daarbij onder meer om een uitbreiding van de Wet Bopz zodat, in afwachting van de Wet verplichte ggz, deze wet en de Wet forensische zorg beter op elkaar aansluiten. De Verzamelwet Veiligheid en Justitie 2013 is op 24 april bij de Eerste Kamer ingediend en in behandeling genomen.

De hoop is dat nog dit jaar de behandeling van het wetsvoorstel kan worden afgerond.

Trefwoorden:

Over de auteur

Sander Brouwer

Geef jouw reactie!