Voor het eerst is onderzocht of psychologische behandeling effect heeft bij mensen met een bipolaire stoornis. Het blijkt dat psychologische interventies het aantal terugvallen en ziekenhuis opnames kan verminderen. De resultaten van het onderzoek werden gepubliceerd in The British Journal of Psychiatry. Dit meldt Trimbos.

Het verzamelen van alle evidentie over het effect van psychologische behandeling bij personen met een bipolaire stoornis was nog nooit gedaan en was nodig om in de multidisciplinaire richtlijn goede aanbevelingen te doen voor de praktijk, hier in Nederland maar ook voor de Engelse NICE guideline for bipolair disorders. Samen met Nederlandse, Amerikaanse en Engelse experts heeft Matthijs Oud, onderzoeker bij Trimbos, deze zeer uitgebreide verzameling en analyse van bewijs gemaakt en er een wetenschappelijk artikel over geschreven. Er zijn gegevens uit 55 onderzoeken van kwalitatief hoog niveau met 6010 patiënten gebruikt om conclusies te kunnen trekken.

Resultaten

Het blijkt dat psychologische interventies in veel gevallen het aantal terugvallen en ziekenhuis opnames vermindert en mogelijk depressieve symptomen verbetert. Het geven van psychologische interventies (in combinatie met farmacotherapie) gericht op het individu zijn effectief in het voorkomen van terugvallen, niet alleen op de korte (34 procent minder kans op een terugval) maar ook op de langere termijn (26 procent minder kans op een terugval). Ook collaborative care helpt maar liet alleen op het voorkomen van ziekenhuisopnames duidelijke effecten zien (32 procent minder opnames). 

Voor andere interventies zijn er ook effecten maar de evidenties is minder robuust. Hierbij valt te denken aan het geven van groepspsycho-educatie (zorgt voor minder terugval en symptomen) en psycho-educatie aan de family (verminderen terugval). Helaas blijkt niet uit onderzoek dat psychologische interventies een toegevoegde waarde hebben op de volgende uitkomsten: manische symptomen, kwaliteit van leven en psychologisch functioneren. Dit kan in de toekomst veranderen met meer onderzoek.

Bipolaire stoornis

Internationaal gezien zou 1,5 procent van de bevolking last van een bipolaire stoornis hebben. In Nederland ligt dit iets hoger, namelijk op 1,9 procent. Deze cijfers gelden voor zowel vrouwen als mannen. Een bipolaire stoornis is chronische met regelmatig terugkerende ernstige periodes van ziekte, waarbij de persoon bijna de helft van de tijd last heeft van manische of depressieve symptomen. Een manie leidt vaak tot ziekenhuis opname maar de depressies zijn het meest invaliderend. Door de WHO werd vastgesteld dat deze stoornis zeer invaliderend is. De stoornis staat 12e op een lijst met zowel psychische als somatische stoornissen. Bovendien zou één op de drie personen een suïcide poging ondernemen in zijn/haar leven.

Het grootste probleem met het behandelen van een bipolaire stoornis is dat medicatie alleen niet het probleem van terugvallen verhelpt. Binnen twee jaar na het starten van een farmacologische behandeling heeft 60 procent een terugval doorgemaakt. Professionals zoeken daarom naar aanvullende methoden om de patiënt te helpen. Psychologische interventies werken bij andere stoornissen zoals Schizofrenie en Depressies. Maar het was onduidelijk of ze werken bij mensen met een bipolaire stoornis en voor welke type een professional moet kiezen in welke fase (manische, depressieve of stabiele) van de stoornis.

Richtlijn

In Nederland bestond al een richtlijn voor bipolaire stoornissen, maar deze was inmiddels verouderd en voldeed niet aan de huidige ‘state of de art’ richtlijn methoden. De richtlijn geeft aanbevelingen over alle aspecten van zorg (screening, diagnostiek, behandeling en organisatie van zorg) om zo te helpen de ziektelast te verminderen en zodoende het leven van een persoon met een bipolaire stoornis te verbeteren. Bovendien kan hierdoor de economische last voor de samenleving worden verminderd.

Op dit moment wordt de richtlijn omgezet in een Zorgstandaard en worden er opties geëxploreerd om het te implementeren. De richtlijn is overigens vrij toegankelijk op www.ggzrichtlijnen.nl.

Lees hier de abstract van het artikel

Trefwoorden:

Over de auteur

Sander Brouwer